Fout
  • JFTP::login: Unable to login
  • JFTP::write: Unable to use passive mode

De hiervoor opgesomde overeenkomsten zijn niet helemaal onwaar. Er zijn daadwerkelijk bronnen die deze ondersteunen. De Frygische Attis bijvoorbeeld is geboren uit maagd Nana[1], is gekruisigd[2] en is na zijn dood herrezen.[3]

Onderzoek naar de andere genoemde figuren laat ik zitten omdat we anders te ver afdwalen van het onderwerp.

De meest opvallende gelijkenissen zijn tussen Jezus en Jozef. Deze zijn als volgt:

-       Jezus is op een wonderbaarlijke wijze geboren; dit geldt ook voor Jozef.[4]

-       Jezus had 12 discipelen; Jozef was een van de 12 zonen van Jakob.[5]

-       Jezus is verkocht voor 30 zilverringen; Jozef voor 20 zilverlingen.[6]

-       Jezus stelt Judas zelf voor om hem te verraden; Jozef stelt het voor aan Judah.[7]

-       Jezus begint op zijn 30ste aan zijn ambt; Jozef doet dat ook op zijn 30ste.[8]

Er wordt ook een melding gedaan over een aantal van de hierboven genoemde mythologische figuren die na hun dood herrijzen. Zo blijkt de Frygische Attis drie dagen na zijn dood te zijn herrezen.[9] Een ander figuur is de uit Perzië afkomstige Mithra. Ook hij blijkt na zijn dood te zijn herrezen.[10]

De gemeenschappelijke kenmerken van de genoemde figuren zouden overeenkomen met de astrologie. Dat komt erop neer dat deze perceptie vóór-christelijk is en later opgenomen in het christendom. Zo zou de drie meest heldere sterren van de Orion constellatie vroeger ‘de Drie Koningen’ worden genoemd. Deze drie sterren zouden op 24 december in een lijn staan. 24 december springt in het oog omdat het volgens de christelijke waarneming de Kerstavond is. De Kerstavond is de viering van de geboorte van Jezus.

Een ander astrologisch aspect dat is ‘verdraaid’ is de Latijnse naam Virgo (Virgin in het Engels), ‘maagd’ betekend. De letter M zou de oude grafische voorstelling zijn van Virgo, vanwaar de namen van maagden als Maria, Myrra (de moeder van Adonis) (de moeder van Dionysus) en Maya (de moeder van Boeddha). Virgo zou zijn voorgesteld als de maagd die een bos koren vasthoudt. Dit wordt in verband gebracht met ‘Bethlehem’, wat staat voor ‘Huis van Brood’. Het koren is het symbool de maanden augustus en september. Dit zijn de maanden van de oogst.

Verder wordt er nadruk gelegd op het getal twaalf. Dit getal schijnt veel voor te komen in de bijbel, maar in feite is het niet meer dan de twaalf sterrenbeelden van de Zodiak.
Het Zodiakse kruis, dat niet allen in veel afbeeldingen maar ook aan de top van kerken voorkomt, is een heidense voorstelling en dus onchristelijk. Dat hoeft geen niet bizar te zijn, want zo is het Pasen ook geen christelijke gewoonte. Het komt namelijk voor bij vele volkeren en de paasvieringen zijn veel ouder dan het christendom.

Alles samenvattend, zou de kerk zou plagiaat hebben gepleegd door de oud Egyptische religie als basis te hebben genomen voor de joods-christelijke theologie. Religie was onder de oude Egyptenaren een doodnormale zaak en was wijdverspreid. Veel van wat men in de joods-christelijke traditie tegenkomen, zien we terug bij de Egyptenaren en ook bij andere oude grote beschavingen. Deze zijn onder andere; doping, leven na de dood, dag des oordeels, maagdelijke geboorte, dood en wederopstanding, kruisiging, de ark des verbonds, besnijdenis, reddingen, de heilige communie, zondvloed, kerstmis, lentefeest etcetera.

Ook het verhaal over het Ark van Noah zou geen joods-christelijke oorsprong hebben, maar gestolen uit de epos van Gılgamış. Zijn epos is een van de oudste bestaande literaire werken en behoort tot de Sumeriërs. De Sumeriërs hadden op hun beurt de, tot zover bekend, oudste beschaving gesticht.. De door hen gesproken taal was agglutinerend, net zoals het Turks. Er zijn zelfs beweringen over het verband tussen de Sumeriërs[11] en de vele gemeenschappelijke woorden. De monistische geloven als het oude Egyptische geloof komen uit een gebied die niet ver van elkaar liggen. De vele gelijkenissen is in deze zin niet frappant.

 



[1] Lancellotti MG., (2002) Attis, Between Myth and History: King, Priest, and God, Leiden. p. 92.

[2] Houck C.M., (2002), The Celestial Scriptures, Keys to the Suppressed Wisdom of the Ancients, Lincoln. p. 455.

[3] Leeming D., (2005), Oxford Companion to World Mythology, Oxford. p. 38.

[4] Simon U., (1997), Reading Prophetic Narratives,  Ramat-Gan p. 48.

[5] Fiedler, S. (2003), The Orphans Among God's Children: The History of Anti-Semitism, Bloomington. p. 3.

[6] Vaughn N.L.H. (2010), Devotions From Genesis: It's Not Just Ancient History, Oklahama, p. 157.

[7] Wierse W.W., (2007), The Wiersbe Bible Commentary: The Complete Old Testament, Paris, p. 130.

[8] Julius Africanus Chronography, the Extant Fragment, 2007, Berlin, p. 63.

[9] Henderson J.L., Oakes M., (1990), The Wisdom of the Serpent:
The Myths of Death, Rebirth, and Resurrection, Princeton, p. 117.

[10] Walle A.H., (2010) Pagans and Practitioners, Expandic Biblical Scholarship, New York, p. 49.

[11] Deze naam is aan hen gegeven door de Akkadiërs. Zelf noemde zij zich de Kengi(r).

 

 

Login of registreer om een reactie te plaatsen